Bij elke hittegolf duiken de posts op: zweten put je magnesium uit, dus slik bij. Klopt dat? De cijfers zijn genuanceerder dan de marketing, en er is een echte reden waarom sporters toch opletten.
Zodra het kwik stijgt, verschijnen de waarschuwingen: door al dat zweten verlies je magnesium, dus vul aan. Het klinkt logisch, maar als je naar de werkelijke cijfers kijkt is het verhaal genuanceerder. Toch is er een kern van waarheid, vooral als je sport in de hitte.
Puur door zweten verlies je weinig magnesium (ongeveer 10 mg per liter zweet). Voor een gemiddelde persoon is dat verwaarloosbaar. Maar sporters blijken ondanks hogere inname toch lagere magnesium-bloedwaarden te hebben, wat op een verhoogde behoefte wijst. Sport je intensief in de zomer? Dan is 200-300 mg magnesium bisglycinaat per dag een redelijke keuze. Zit je vooral binnen? Dan lost een glas water je "tekort" op.
De cijfers: zweet bevat gemiddeld 0,8 mmol magnesium per liter, ofwel grofweg 10 mg per liter. Zelfs als je op een hete dag 2-3 liter zweet, praat je over 20-30 mg magnesiumverlies. Ter vergelijking: je dagelijkse behoefte is 300-400 mg. Het zweetverlies is dus een fractie, veel kleiner dan het natrium- en kaliumverlies waar sportdranken zich terecht op richten.
Met andere woorden: de simpele "je zweet het eruit, dus slik bij"-boodschap klopt niet voor de gemiddelde persoon. Als losstaand argument is het zwak.
Hier wordt het interessant. Een meta-analyse (Zhang 2023) vond iets contra-intuitiefs: sporters hebben ondanks een hogere magnesium-inname toch lagere serumwaarden en scheiden meer magnesium uit via de urine. Het zweet is dus niet de hoofdroute, maar de combinatie van intensieve training, stress-hormonen en verhoogd metabolisme drijft de behoefte omhoog.
Magnesium is een cofactor in meer dan 300 enzymatische reacties, waaronder ATP-productie en spiercontractie. Bij zware inspanning in de hitte draait dat systeem op volle toeren. Een subklinisch tekort uit zich dan eerder in krampen, vermoeidheid en tragere recuperatie.
Meer in onze magnesium-gids, de bisglycinaat-pagina en het overzicht studies.