Hoe herken je een tekort, wie loopt risico, en wanneer bloedonderzoek?
Vitamine D-tekort verloopt vaak subklinisch - zonder duidelijke symptomen tot het ernstig wordt. Klassieke tekens zijn vermoeidheid, spierzwakte (vooral proximaal), botpijn en verhoogde gevoeligheid voor luchtweginfecties. Bij kinderen: rachitis. Bij volwassenen: osteomalacie.
Risicogroepen zijn duidelijk gedefinieerd: 60% van Belgen heeft een tekort in winter, oplopend tot 80% bij donkere huid, sluier-dragers, ouderen (huidaanmaak halveert na 50e), zwangere vrouwen, en mensen met chronische darmziekten (Crohn, coeliakie).
Bloedonderzoek meet 25(OH)D-niveau. < 25 nmol/L = ernstig tekort, 25-50 = tekort, 50-75 = suboptimaal, 75-125 = optimaal, > 125 = boven aanbeveling. Bij risicogroepen of klachten: rechtstreeks vragen bij huisarts.
Suppletie corrigeert meestal binnen 8-12 weken. Bij ernstig tekort kan dat langer duren. Vitamine K2-MK7 (90-180 µg) toevoegen bij langdurig hoge D-suppletie om calcium correct te sturen.